Bloedonderzoek

Bij iedere zwangere wordt een aantal keer in de zwangerschap bloedonderzoek verricht.
In de zwangerschap wordt je bloed onderzocht op:
– Bloedgroep, rhesusfactor en irregulaire antistoffen.
– Hemoglobinegehalte (bloedarmoede) en glucose (bloedsuiker).
– Lues (een geslachtsziekte), hepatitis-B (een leverziekte) en H.I.V.-antistoffen (A.I.D.S.-test).

Indien je hier bezwaar tegen hebt, laat het ons dan weten vóór je het bloedonderzoek laat doen.

Tijdens de zwangerschapscontrole bespreken wij de uitslagen van het bloedonderzoek met je.

 

Bloedgroep

Het is belangrijk tijdens de zwangerschap je bloedgroep te weten voor het geval dat je een bloedtransfusie nodig hebt. De bloedgroep kan A, B, AB of O zijn.

Naast de bloedgroep wordt de Rhesus-D-factor bepaald. Dit is een stof die in het bloed aanwezig kan zijn. Wanneer je die stof hebt, ben je Rhesus-D-positief en heb je een ‘positieve bloedgroep’. Heb je de stof niet dan ben je Rhesus-D-negatief en heb je een ‘negatieve bloedgroep’.

Een zwangere met een negatieve bloedgroep heeft wat extra aandacht nodig tijdens de zwangerschap. Dit omdat er bij een zwangerschap van een baby met een positieve bloedgroep een kleine kans bestaat dat je antistoffen gaat aanmaken die het bloed van de baby kunnen afbreken. Daarom wordt bij alle zwangeren met een negatieve bloedgroep het volgende gedaan:
Rond de 27 weken zwangerschap wordt middels bloedonderzoek via jouw bloed bekeken of je zwanger bent van een kindje met een ‘positieve bloedgroep’. Als dit het geval blijkt te zijn, dan krijg je een injectie met anti-Rhesus-D-immunoglobuline. Deze injectie zorgt ervoor dat de kans op het vormen van antistoffen nog kleiner wordt. Binnen 48 uur na de bevalling krijg je nogmaals een injectie met anti-Rhesus-D immunoglobuline toegediend. Daardoor maakt je lichaam geen antistoffen, hetgeen belangrijk is als je later opnieuw zwanger wordt van een kindje met een positieve bloedgroep.

 

Rhesus c negatief

Ben je Rhesus c-negatief? Dan is er een kleine kans dat je tijdens de zwangerschap antistoffen tegen de bloedgroep van je kind maakt. Je krijgt daarom in week 27 een extra bloedonderzoek.
Het laboratorium onderzoekt nog een keer of je antistoffen tegen bloedgroepen heeft gemaakt. Als het laboratorium zulke antistoffen vindt, is verder onderzoek nodig.

Zwangere vrouwen met bloedgroep Rhesus D-negatief krijgen een injectie om te voorkomen dat ze antistoffen maken tegen het bloed van hun kind. Zo’n injectie bestaat er niet voor zwangere vrouwen met bloedgroep Rhesus c-negatief. Als je antistoffen maakt, kan de verloskundige of gynaecoloog extra controles inlassen.

 

Irregulaire antistoffen

Behalve Rhesus-antistoffen zijn er ook de zogenaamde irregulaire antistoffen. Deze antistoffen kan iedere zwangere, ongeacht een positieve of negatieve bloedgroep, met zich meedragen. Deze antistoffen kunnen bijvoorbeeld zijn ontstaan bij een eerdere zwangerschap of een bloedtransfusie.
De antistoffen kunnen mogelijk een probleem vormen voor het kindje omdat deze het bloed van de baby kunnen afbreken. Wanneer deze antistoffen in je bloed zijn aangetoond, wordt je bloed verder onderzocht tot duidelijk is om welke antistoffen het gaat. Het verdere beleid zal dan door je verloskundige met je besproken worden.

 

Hemoglobinegehalte

Het hemoglobinegehalte van de rode bloedcellen (Hb) wordt bepaald om na te gaan of je bloedarmoede hebt. Wanneer er sprake is van bloedarmoede kan dit in principe goed behandeld worden.

Het Hb wordt geprikt met het bloedonderzoek na de eerste controle en wordt rond de 28-30 weken zwangerschap samen met het bloedsuiker nog eens bepaald. Tussendoor gebeurt dit alleen op indicatie.

 

Glucose

Bij het bepalen van het glucosegehalte in je bloed, wordt er gekeken naar je bloedsuiker op een moment dat je niet nuchter bent.

Het prikken op glucose wordt gedaan met het bloedonderzoek na de eerste controle en wordt bij 28-30 weken zwangerschap samen met de Hb-bepaling nog eens herhaald. Tussendoor gebeurt dit alleen op indicatie.
In sommige gevallen zal de verloskundige je vragen nuchter je bloedsuiker te laten bepalen of middels een uitgebreidere ‘suikertest’.

 

– Lues

Lues is een seksueel overdraagbare aandoening en wordt ook wel syfilis genoemd.
Iedereen kan ongemerkt een geslachtsziekte oplopen. In het begin van de zwangerschap wordt de baby door de moederkoek beschermd tegen de ziekte. Later in de zwangerschap kan ook de baby geïnfecteerd worden. Het is dus van belang de ziekte zo vroeg mogelijk in de zwangerschap op te sporen en deze dan te behandelen met antibiotica.

 

Hepatitis-B

Hepatitis-B is een leverziekte waarbij er een infectie van de lever optreedt meestal binnen een half jaar na besmetting. De ziekte kan ook onopgemerkt verlopen. Na de infectie blijft een deel van de mensen het hepatitis-B virus bij zich dragen. Dragers van het virus kunnen anderen besmetten door bloed-bloedcontact of door middel van seksueel contact.

Tijdens de zwangerschap vormt het virus voor de baby geen probleem, maar tijdens de geboorte kan de baby met het virus in aanraking komen en besmet raken.
Wanneer je het virus bij je draagt krijgt je kindje na de geboorte kant-en-klare antistoffen via een injectie toegediend om direct bescherming te bieden. Daarnaast is het belangrijk dat je kindje antistoffen opbouwt tegen hepatitis-B. Hiervoor wordt een andere injectie toegediend na de geboorte en deze wordt herhaald op de leeftijd van 2, 4 en 11 maanden.

 

– H.I.V.

H.I.V. is een virus dat de ziekte A.I.D.S. kan veroorzaken en kan worden aangetoond met de zogenoemde A.I.D.S.test.

Als je geïnfecteerd bent met H.I.V., kun je het virus tijdens de zwangerschap, rond de bevalling of met het geven van borstvoeding aan je kind overdragen. Er zijn tegenwoordig geneesmiddelen die ervoor zorgen dat mensen minder snel ziek worden van H.I.V.

Het gebruik van de juiste medicijnen tijdens de zwangerschap, vermindert de kans dat de baby ook H.I.V. krijgt.
Tijdens de bevalling kunnen speciale maatregelen worden getroffen, waardoor de kans op besmetting nog verder afneemt. Wanneer de baby vervolgens medicijnen krijgt en flesvoeding in plaats van de borst, is de kans op een ziek kindje nog maar 5%. Het is dus van belang voor jezelf en je kindje te weten of je H.I.V. besmet bent.

Twitter: vpgestelstrijp

Inschrijven praktijk

Vul onderstaand formulier

in en wij nemen contact op met u!

Kinderwens:

Zwangerschap: